Naar hoofdinhoud

Leerstofoverzicht KIW

Leerstofoverzicht toelatingsexamen geneeskunde 2026

Het KIW-gedeelte van het toelatingsexamen arts, tandarts en dierenarts toetst 226 leerdoelen over vier vakken: wiskunde (25), fysica (94), chemie (64) en biologie (43), samen goed voor 33 onderwerpen. Ze staan hieronder voluit, in de formulering en de volgorde van het officiële overzicht — doorzoekbaar, en elk leerdoel met een eigen link.

Officiële bron. De formuleringen hieronder zijn onbewerkt overgenomen uit het Leerstofoverzicht KIW 2026 van de Examencommissie voor de toelatingsexamens (AHOVOKS, Vlaamse Overheid) — dat jaartal staat op het document zelf en is de editie die hier voluit staat. Deze pagina is een leesbare, doorzoekbare weergave — geen vervanging. Bij twijfel geldt de officiële publicatie op vlaanderen.be, en controleer die altijd voor het examenjaar waarvoor jij opgaat.

Wiskunde

Wiskunde

1.1 Algebra

  • 1.1.1Rekenen met getallen en lettervormen

    Reële getallen en lettervormen: bewerkingen en rekenregels.

  • 1.1.2Ongelijkheden en absolute waarden

    Rekenen met ongelijkheden en absolute waarden van reële getallen en lettervormen.

  • 1.1.3Rekenen met machten en logaritmen

    Rekenregels voor machten en logaritmen.

  • 1.1.4Procenten, recht en omgekeerd evenredig

    Rekenen met procenten, evenredigheden en omgekeerd evenredigheden.

  • 1.1.5Eerste- en tweedegraadsvergelijkingen oplossen

    Reële oplossingen van eerste- en tweedegraadsvergelijkingen.

  • 1.1.6Veeltermen: delen, ontbinden en vergelijkingen oplossen

    Veeltermen met reële coëfficiënten: graad, bewerkingen, euclidische deling, reststelling, ontbinden in factoren, veeltermvergelijkingen.

  • 1.1.7Stelsels van eerstegraadsvergelijkingen oplossen

    Stelsels van vergelijkingen van de eerste graad met hoogstens drie onbekenden.

  • 1.1.8Rekenen met matrices

    Bewerkingen met matrices: optelling, scalaire vermenigvuldiging, matrixvermenigvuldiging, machtsverheffing en transpositie.

Wiskunde

1.2 Meetkunde

  • 1.2.1Vlakke figuren: cirkels, driehoeken, vierhoeken en veelhoeken

    Vlakke figuren en hun basiseigenschappen: cirkels (middelpunt, middellijnen, raaklijnen, koorde, middelpuntshoek en omtrekshoek); driehoeken (gelijkvormigheid, congruentie, som van binnenhoeken, stelling van Pythagoras, merkwaardige lijnen en lijnstukken); vierhoeken (trapezium, parallellogram, ruit, rechthoek, vierkant); regelmatige veelhoeken (ingeschreven cirkel, omgeschreven cirkel).

  • 1.2.2Afstand, omtrek en oppervlakte in het vlak

    Afstand tussen twee punten in het vlak, omtrek en oppervlakte van driehoeken, vierhoeken en cirkels.

  • 1.2.3Vergelijkingen van rechten, cirkels en parabolen

    Vergelijkingen van rechten, van cirkels en van parabolen met verticale symmetrieas.

  • 1.2.4Onderlinge ligging en snijpunten van rechten, cirkels en parabolen

    Onderlinge ligging van rechten in het vlak (snijden, evenwijdig, loodrecht). Snijpunten van rechten, cirkels en parabolen met verticale symmetrieas.

  • 1.2.5Hoeken in graden en radialen

    Hoeken: graden en radialen.

  • 1.2.6Sinus, cosinus en tangens in driehoek en goniometrische cirkel

    Rechthoekige driehoeken en goniometrische cirkel: sinus, cosinus en tangens van hoeken en verwante hoeken.

  • 1.2.7Goniometrische formules: som, verschil en verdubbeling

    Formules van de goniometrie: grondformule, som- en verschilformules, verdubbelingsformules.

Wiskunde

1.3 Analyse

  • 1.3.1De functiefamilies: veelterm, exponentieel, logaritmisch en goniometrisch

    Veeltermfuncties, rationale functies, irrationale functies, goniometrische functies, cyclometrische functies, exponentiële functies en logaritmische functies. Eenvoudige operaties met deze functies: algebraïsche bewerkingen en samenstellingen.

  • 1.3.2Functieonderzoek met afgeleiden: extrema, buigpunten en asymptoten

    Voor de functies vermeld in 1.3.1: eerste afgeleide functie en tweede afgeleide functie, raaklijnen aan de grafiek, buigpunten van de grafiek, nulwaarden, tekenverloop, stijgen en dalen, extrema, symmetrie, periode en asymptotisch gedrag.

  • 1.3.3Bepaalde integralen en oppervlakte

    Verband tussen bepaalde integralen en oppervlakten.

  • 1.3.4Primitieve functies en bepaalde integralen berekenen

    Voor eenvoudige functies vermeld in 1.3.1: berekenen van primitieve functies en bepaalde integralen (onmiddellijke integratie, integratie door splitsing, substitutie, partiële integratie).

Wiskunde

1.4 Kansrekening en statistiek

  • 1.4.1Tellen: combinaties, permutaties en herhaling

    Telproblemen met en zonder herhaling en waarbij de volgorde al dan niet van belang is.

  • 1.4.2Kans en relatieve frequentie

    Verband tussen relatieve frequentie en kans.

  • 1.4.3Voorwaardelijke kans met kruistabel en kansboom

    Voorwaardelijke kansen berekenen met kruistabellen of kansbomen.

  • 1.4.4Data voorstellen: centrum- en spreidingsmaten

    Statistische gegevens: grafische voorstellingen, centrum- en spreidingsmaten.

  • 1.4.5De normale verdeling

    Normale verdeling als continu model bij data met een klokvormige frequentieverdeling.

  • 1.4.6Oppervlakte onder de normale verdeling aflezen

    Interpretatie bij een normale verdeling van relatieve frequentie als oppervlakte van een gepast gebied.

Fysica

Fysica

2.1 Druk

  • 2.1.1Druk en de eenheid pascal

    Het begrip druk, eenheid pascal (Pa).

  • 2.1.2Druk bij vaste stoffen

    Druk bij vaste stoffen.

  • 2.1.3Atmosferische druk

    Atmosferische druk.

  • 2.1.4Druk in gassen

    Druk in gassen.

  • 2.1.5Druk in een vloeistof

    Hydrostatische druk, totale druk in een vloeistof.

  • 2.1.6Het beginsel van Pascal

    Beginsel van Pascal.

Fysica

2.2 Gaswetten en warmteleer

  • 2.2.1Temperatuur en de kelvinschaal

    Begrip temperatuur, absolute temperatuur, eenheid kelvin (K).

  • 2.2.2De gaswetten

    Gaswetten.

  • 2.2.3De ideale gaswet

    De ideale gaswet.

  • 2.2.4Toestandsveranderingen van een gas

    Toestandsveranderingen.

  • 2.2.5Het deeltjesmodel bij faseovergang en opwarming

    Deeltjesmodel bij faseovergangen en temperatuursveranderingen.

  • 2.2.6Warmte, warmtecapaciteit en warmtebalans

    Warmtehoeveelheid, warmtecapaciteit, soortelijke warmtecapaciteit en warmtebalans.

  • 2.2.7Faseovergangen

    Fase-overgangen.

  • 2.2.8Smelten en stollen: smeltwarmte

    Smelten en stollen: soortelijke smeltwarmte.

  • 2.2.9Verdampen en verdampingswarmte

    Verdampen: soortelijke verdampingswarmte.

  • 2.2.10Koken en condenseren

    Kookverschijnsel, condensatie.

Fysica

2.3 Elektrostatica

  • 2.3.1Elektrische lading en de eenheid coulomb

    Het begrip lading, eenheid coulomb (C).

  • 2.3.2Geleiders en isolatoren

    Geleiders en isolatoren.

  • 2.3.3Influentie bij geleiders, polarisatie bij isolatoren

    Elektrostatische influentie (geleiders), polarisatie in niet-geleiders.

  • 2.3.4De wet van Coulomb

    Wet van Coulomb.

  • 2.3.5Elektrische veldsterkte

    Elektrische veldsterkte, eenheid newton per coulomb (N·C⁻¹).

  • 2.3.6Homogeen en radiaal elektrisch veld met veldlijnen

    Homogeen en radiaal elektrisch veld, inclusief veldlijnenpatroon.

  • 2.3.7Het veldlijnenpatroon van een dipool

    Elektrisch veldlijnenpatroon van een dipool.

  • 2.3.8Kracht op een lading in een elektrisch veld

    Krachtwerking in een homogeen en radiaal elektrisch veld.

  • 2.3.9Krachten tussen puntladingen

    Krachtwerking tussen puntladingen: maximaal vier ladingen in eenvoudige geometrische configuraties.

  • 2.3.10Het resulterende veld van meerdere puntladingen

    Resulterend elektrisch veld gegenereerd door een set van enkele puntladingen: richting, zin en grootte (maximaal vier ladingen in eenvoudige geometrische configuraties).

  • 2.3.11Potentiaal en potentiële energie van een lading

    Potentiaal en potentiële elektrische energie van een vrije puntlading in een homogeen en radiaal elektrisch veld.

  • 2.3.12Energie van een lading in een homogeen elektrisch veld

    Homogeen elektrisch veld: veranderingen van potentiële elektrische energie en kinetische energie van een vrije puntlading.

Fysica

2.4 Elektrodynamica

  • 2.4.1Stroomsterkte en de eenheid ampère

    Elektrische stroomsterkte, eenheid ampère (A).

  • 2.4.2Spanning en de eenheid volt

    Spanning, eenheid volt (V).

  • 2.4.3Weerstand en de wet van Ohm

    Elektrische weerstand, wet van Ohm, eenheid ohm (Ω).

  • 2.4.4Een eenvoudige schakeling met weerstanden en een batterij

    Eenvoudige elektrische schakeling bestaande uit weerstanden en een batterij.

  • 2.4.5De ideale ampèremeter en voltmeter

    Ideale ampère- en voltmeter.

  • 2.4.6Weerstanden in serie en parallel: vervangingsweerstand

    Serieschakeling, parallelschakeling en gemengde schakeling van weerstanden: vervangingsweerstand.

  • 2.4.7Het joule-effect

    Joule-effect.

  • 2.4.8Eenheden van elektrische energie: joule en kilowattuur

    Eenheden van elektrische energie: joule (J), kilowattuur (kWh).

  • 2.4.9Stroom, spanning en vermogen in een schakeling berekenen

    Berekenen van stroom door, spanning over en vermogen ontwikkeld in weerstanden in een eenvoudige schakeling.

Fysica

2.5 Elektromagnetisme

  • 2.5.1Permanente magneten en magnetische polen

    Permanente magneten, magnetische polen.

  • 2.5.2Magnetisch veld, veldlijnen en veldvector

    Magnetisch veld en veldlijnen, magnetische veldvector.

  • 2.5.3Magnetische veldsterkte en de eenheid tesla

    Magnetische veldsterkte: definitie, eenheid tesla (T).

  • 2.5.4Kracht op een bewegende lading in een magnetisch veld

    Kracht op een bewegende lading in een magnetisch veld.

  • 2.5.5Kracht op een stroomdraad in een magnetisch veld

    Kracht op een stroomvoerende geleider in een magnetisch veld.

  • 2.5.6Magnetisch veld rond een rechte stroomdraad

    Magnetisch veld rond een rechte stroomvoerende geleider.

  • 2.5.7Magnetisch veld van een stroomlus en een spoel

    Magnetisch veld in en rond een stroomvoerende lus, en in en rond een stroomvoerende solenoïde.

  • 2.5.8Magnetische veldsterkte bij een stroomdraad en een spoel

    Magnetische veldsterkte rond een rechte stroomvoerende geleider en in een stroomvoerende solenoïde.

  • 2.5.9Elektromagnetische inductie en de wet van Lenz

    Elektromagnetische inductieverschijnselen, wet van Lenz (kwalitatief).

Fysica

2.6 Kernfysica

  • 2.6.1De atoomkern: atoomnummer, massagetal en isotopen

    Atoommodel, kernmodel, atoomnummer, massagetal en ladingsgetal, isotopen.

  • 2.6.2Alfa-, bèta- en gammastraling

    Natuurlijke radioactiviteit: aard en eigenschappen van alfa-, bèta- en gammastraling.

  • 2.6.3De vervalprocessen van alfa, bèta en gamma

    Karakteristieke vervalprocessen van alfa-, bèta- en gammastraling.

  • 2.6.4Radioactief verval en halveringstijd

    Radioactief verval: halveringstijd, desintegratieconstante, activiteit: eenheid becquerel (Bq), vervalwet (uitgedrukt met e-macht).

Fysica

2.7 Kinematica

  • 2.7.1Positie, afgelegde weg en het begrip puntmassa

    Rust en beweging, puntmassa, positie, afgelegde weg.

  • 2.7.2Eenparig rechtlijnige beweging

    Eenparig rechtlijnige beweging.

  • 2.7.3Eenparig versnelde beweging, met en zonder beginsnelheid

    Eenparig versnelde rechtlijnige beweging zonder en met beginsnelheid.

  • 2.7.4De x-, v- en a-grafiek van een versnelde beweging

    x(t), v(t) en a(t) van een eenparig versnelde rechtlijnige beweging, alsook de corresponderende grafische voorstellingen.

  • 2.7.5Gemiddelde en ogenblikkelijke waarden bij een beweging

    Ogenblikkelijke en gemiddelde waarde van de grootheden die de beweging beschrijven.

  • 2.7.6Vrije val en valversnelling

    Vrije val: valversnelling.

  • 2.7.7Verticale worp omhoog

    Verticale worp omhoog.

  • 2.7.8Horizontale worp: twee bewegingen los van elkaar

    Onafhankelijkheid van de bewegingen bij een tweedimensionale beweging: horizontale worp.

Fysica

2.8 Dynamica

  • 2.8.1Vectoren ontbinden langs assen

    Ontbinden van vectoriële grootheden volgens orthogonale assen.

  • 2.8.2Vectoren samenstellen in een vlak

    Samenstellen van vectoriële grootheden in een vlak.

  • 2.8.3De drie wetten van Newton

    De drie wetten van Newton, eenheid newton (N).

  • 2.8.4Meerdere krachten op één voorwerp

    Het onafhankelijkheidsbeginsel bij meerdere krachten op eenzelfde voorwerp.

  • 2.8.5Arbeid en de eenheid joule

    Arbeid, eenheid joule (J).

  • 2.8.6Arbeid van een kracht onder een hoek

    Arbeid geleverd door een constante kracht die evenwijdig of die niet evenwijdig is met de verplaatsing.

  • 2.8.7Vermogen en de eenheid watt

    Vermogen, eenheid watt (W).

  • 2.8.8Arbeid aflezen als oppervlakte onder de krachtgrafiek

    Grafische interpretatie van arbeid als oppervlakte onder de curve van de kracht als functie van de positie.

  • 2.8.9Zwaartekracht, gewicht, normaalkracht en veerkracht

    Zwaartekracht, valversnelling, gewicht, normaalkracht en veerkracht.

  • 2.8.10Het verschil tussen massa en gewicht

    Verschil tussen massa en gewicht.

  • 2.8.11Arbeid geleverd door de zwaartekracht

    Arbeid geleverd door de zwaartekracht.

  • 2.8.12Arbeid geleverd door de veerkracht

    Arbeid geleverd door de veerkracht.

  • 2.8.13Arbeid en kinetische energie

    Verband tussen arbeid en kinetische energie.

  • 2.8.14Potentiële energie in het zwaarteveld

    Potentiële energie in het zwaartekrachtveld.

  • 2.8.15Elastische energie in een veer

    Potentiële energie opgeslagen in een elastisch systeem.

  • 2.8.16Energieomzettingen berekenen: kinetisch, zwaarte en elastisch

    Kwantificeren van energieomzettingen tussen kinetische, gravitationele en elastische energie.

  • 2.8.17Behoud van mechanische energie

    Wet van behoud van mechanische energie.

  • 2.8.18Energieverlies door dissipatie

    Energiedissipatie.

  • 2.8.19Wrijving: statisch en dynamisch

    Wrijvingskracht, statische en dynamische wrijving.

  • 2.8.20Eenparige cirkelbeweging

    Eenparig cirkelvormige beweging.

  • 2.8.21Cirkelbeweging: periode, baansnelheid en centripetaalversnelling

    Periode, frequentie, baansnelheid, hoeksnelheid en centripetaalversnelling van een eenparig cirkelvormige beweging.

  • 2.8.22Centripetaalkracht bij een cirkelbeweging

    Centripetaalkracht bij een eenparig cirkelvormige beweging.

Fysica

2.9 Trillingen en golven

  • 2.9.1Harmonische trilling: amplitude, periode en frequentie

    Harmonische trilling: amplitude, periode en frequentie.

  • 2.9.2Trillingsvergelijking, pulsatie en faseverschil

    Wiskundige schrijfwijze en grafische voorstelling van harmonische trillingen: pulsatie, faseverschil.

  • 2.9.3Snelheid en versnelling bij een harmonische trilling

    Snelheid en versnelling bij een harmonische trilling.

  • 2.9.4Massa-veersysteem en slinger

    Harmonische beweging bij een massa-veer-systeem en bij een wiskundige slinger.

  • 2.9.5Energieomzetting bij een trilling

    Energieomzetting bij een harmonische trilling.

  • 2.9.6Lopende golven: transversaal en longitudinaal

    Lopende golven: transversale en longitudinale golven.

  • 2.9.7Een golf transporteert energie

    Golf als energietransport.

  • 2.9.8Golfsnelheid, golflengte en golfgetal

    Golfsnelheid, golflengte, golfgetal.

  • 2.9.9De vergelijking van een lopende golf

    Bewegingsvergelijking van een lopende golf.

  • 2.9.10Superpositie van trillingen en golven

    Superpositie van trillingen en golven.

  • 2.9.11Staande golven: knopen, buiken en eigenfrequentie

    Staande golven: knopen, buiken, eigenfrequentie.

  • 2.9.12Weerkaatsing, breking, interferentie, buiging en resonantie

    Kwalitatief verklaren van weerkaatsing, breking, interferentie, buiging en resonantie met het golvenmodel.

Fysica

2.10 Geluid

  • 2.10.1Geluidsgolven en geluidsintensiteit

    Geluidsgolven: ontstaan, geluidsintensiteit, eenheid W·m⁻².

  • 2.10.2Geluidsniveau en de decibelschaal

    Geluidsniveau, decibel (dB), decibelschaal.

Chemie

Chemie

3.1 Basiskennis

  • 3.1.1Zuivere stoffen, mengsels en scheidingsmethoden

    Zuivere stoffen, mengsels en scheidingsmethoden voor mengsels.

  • 3.1.2Enkelvoudige en samengestelde stoffen

    Enkelvoudige en samengestelde stoffen.

  • 3.1.3Symbolen van elementen en formules van stoffen

    Symbolen van elementen en formules van stoffen.

  • 3.1.4IUPAC-naamgeving in de anorganische chemie

    Belangrijkste IUPAC-nomenclatuurregels in de anorganische chemie.

  • 3.1.5De anorganische stofklassen en hun eigenschappen

    Anorganische stofklassen en hun eigenschappen.

  • 3.1.6Polaire en apolaire oplosmiddelen en oplosbaarheid

    Polaire en apolaire oplosmiddelen + invloed van het oplosmiddel op de oplosbaarheid.

  • 3.1.7Elektrolyten en niet-elektrolyten

    Elektrolyten en niet-elektrolyten.

  • 3.1.8Oplosbaarheid van ionverbindingen in water

    Oplosbaarheid van ionverbindingen in water (via oplosbaarheidstabel).

  • 3.1.9Synthese, analyse, exotherm en endotherm

    Algemene begrippen i.v.m. chemische reacties: synthese, analyse (thermolyse, elektrolyse en fotolyse), exotherm (exergonisch of exo-energetisch) en endotherm (endergonisch of endo-energetisch), behoud van element en van massa.

  • 3.1.10Ionisatie en dissociatie in water

    Ionisatie (covalente verbindingen) en dissociatie (ionverbindingen) van elektrolyten in water.

  • 3.1.11Reactietypes: neerslag, gasontwikkeling, neutralisatie en redox

    Reactietypes: neerslag-, gasontwikkelings-, neutralisatie- en redoxreacties.

  • 3.1.12Stoffen- en ionenreactievergelijkingen

    Reactievergelijkingen: stoffen- en essentiële ionenreactievergelijkingen.

Chemie

3.2 Atoomstructuur en periodiek systeem

  • 3.2.1Bouw van het atoom: atoomnummer en massagetal

    Elementaire deeltjes in een atoom (X), atoomnummer (Z) en massagetal (A).

  • 3.2.2Isotopen en hun notatie

    Isotopen en hun symbolische notatie.

  • 3.2.3Relatieve atoommassa en het aandeel van isotopen

    Relatieve atoommassa (Aᵣ) en absolute atoommassa (mₐ) van een element en het verband met het % voorkomen van zijn natuurlijke isotopen (x).

  • 3.2.4Het atoommodel van Bohr-Sommerfeld en elektronenspin

    Atoommodel van Bohr-Sommerfeld: hoofdniveau, subniveau, magnetisch niveau. Elektronenspin.

  • 3.2.5Orbitalen

    Orbitalen.

  • 3.2.6Elektronenconfiguratie van een element

    Elektronenconfiguraties van elementen op basis van de regels voor het opvullen van de subniveaus en van de magnetische niveaus (orbitalen).

  • 3.2.7Het periodiek systeem: perioden, groepen en opbouw

    Periodiek systeem van de elementen: opbouwprincipe, perioden en groepen, analogie binnen de hoofdgroepen.

  • 3.2.8Hoe atomen ionen vormen

    Vorming van mono-atomische ionen uit atomen.

Chemie

3.3 Chemische binding

  • 3.3.1De ionbinding en de covalente binding

    Karakteristieken van de ionbinding en van de covalente binding.

  • 3.3.2Krachten tussen deeltjes: vanderwaals, waterstofbruggen en ion-dipool

    Krachten tussen ionen - intramoleculaire en intermoleculaire krachten (vanderwaalskrachten: londondispersiekrachten, dipoolkrachten en waterstofbruggen) - ion-dipoolkrachten.

  • 3.3.3Hoe bindingskrachten het kook- en smeltpunt bepalen

    Invloed van de krachten tussen ionen of moleculen op kook- en smeltpunt van zuivere stoffen.

  • 3.3.4Lewisformules van moleculen en ionen

    Lewisformules van moleculen en van polyatomische ionen.

  • 3.3.5Sigma- en pi-bindingen

    Sigma (σ-) en pi (π-) binding.

  • 3.3.6Ruimtelijke structuur en bindingshoeken van moleculen

    Bindingshoeken + ruimtelijke structuur van moleculen en van polyatomische ionen.

  • 3.3.7Elektronegativiteit en de polariteit van een binding

    Elektronegatieve waarde (= elektronegativiteit) van atomen en polariteit van covalente bindingen.

  • 3.3.8Polariteit van een molecule uit haar structuur

    Polariteit van moleculen op basis van de ruimtelijke structuur.

Chemie

3.4 Chemisch rekenen

  • 3.4.1Mol, molaire massa en de constante van Avogadro

    Constante van Avogadro (Nₐ), stofhoeveelheid (n) en molaire massa (M).

  • 3.4.2Molair volume van gassen en de algemene gaswet

    Molair volume van gassen (Vₘ) en algemene gaswet.

  • 3.4.3Concentraties uitdrukken en omrekenen

    Concentratie van oplossingen: massaprocent (m/m-%), volumeprocent (V/V-%), massa/volumeprocent (m/V-%), massaconcentratie (cₘ) en molaire concentratie (c, [A]) en omzettingen tussen de verschillende concentratie-uitdrukkingen. In dat verband rekening houden met berekeningen met dichtheid (ρ) van stoffen en mengsels.

  • 3.4.4Oplossingen verdunnen

    Toepassingen op verdunnen van oplossingen.

  • 3.4.5Stoichiometrisch rekenen met overmaat en rendement

    Stoichiometrische berekeningen voor reacties met eventuele overmaat of onvolledige conversie (rendement).

Chemie

3.5 Chemische kinetiek

  • 3.5.1Wat de reactiesnelheid beïnvloedt

    Factoren die de snelheid van een reactie beïnvloeden.

  • 3.5.2Het botsingsmodel

    Het botsingsmodel ter verklaring van de reactiesnelheid.

  • 3.5.3Energiediagram, activeringsenergie en katalysator

    Energiediagram, reactie-energie (ΔU), activeringsenergie (Eₐ) en de invloed van een katalysator.

  • 3.5.4Gemiddelde en ogenblikkelijke reactiesnelheid

    Uitdrukking van de gemiddelde en de ogenblikkelijke reactiesnelheid (v).

  • 3.5.5Snelheidsvergelijking en orde van een reactie

    De snelheidsvergelijking voor reacties in een homogeen reactiemengsel, snelheidsconstante (k) en de orde van een reactie.

Chemie

3.6 Chemisch evenwicht

  • 3.6.1Aflopende reactie of evenwichtsreactie

    Onderscheid tussen een aflopende reactie en een evenwichtsreactie.

  • 3.6.2Evenwichtsconcentraties en de evenwichtsconstante

    Evenwichtsconcentraties [A] en de evenwichtsconstante (Kc).

  • 3.6.3Een chemisch evenwicht verschuiven (Le Chatelier)

    Verschuiving van het chemisch evenwicht + Principe van Le Chatelier.

  • 3.6.4Rekenen aan een chemisch evenwicht

    Vraagstukken i.v.m. chemisch evenwicht.

Chemie

3.7 Zuren en basen

  • 3.7.1Zuur-basekoppels volgens Brønsted-Lowry

    Zuur-basekoppels volgens Brønsted-Lowry.

  • 3.7.2Ionisatie van water en de waterconstante

    Ionisatie van water, waterconstante (Kw).

  • 3.7.3Zuur-basereacties in water

    Zuur-basereacties in waterig midden.

  • 3.7.4Sterkte van zuren en basen: Ka, Kb, pKa en pKb

    Sterkte van zuren en basen: zuurconstante (Ka) en baseconstante (Kb), pKa en pKb.

  • 3.7.5Het verband tussen pH, pOH en de concentraties

    Verband tussen [H₃O⁺], [OH⁻], pH, pOH en Kw.

  • 3.7.6pH berekenen van sterke en zwakke zuren en basen

    Berekening van de pH en de pOH van waterige oplossingen van sterke en zwakke zuren en basen.

  • 3.7.7Hoe zouten de pH van water beïnvloeden

    Invloed van zouten op de pH van water (geen pH-berekening).

  • 3.7.8Bufferoplossingen: samenstelling en werking

    Bufferoplossingen: eigenschappen en samenstelling (geen pH-berekening).

  • 3.7.9Titratie van een sterk zuur met een sterke base

    Titratie van een sterk zuur met een sterke base en van een sterke base met een sterk zuur.

Chemie

3.8 Redoxreacties

  • 3.8.1Oxidatie, reductie, oxidator en reductor

    Oxidatie, reductie, oxidator en reductor.

  • 3.8.2Oxidatiegetallen bepalen

    Oxidatiegetallen (= oxidatietrappen) van atomen in moleculen en ionen.

  • 3.8.3Hoe oxidatiegetallen veranderen in een redoxreactie

    Verandering van oxidatiegetallen in redoxreacties.

  • 3.8.4Redoxkoppels

    Redoxkoppels.

  • 3.8.5Redoxvergelijkingen opstellen in zuur en basisch milieu

    Redoxvergelijkingen (zuur en basisch milieu): ionenreactievergelijkingen en stoffenreactievergelijkingen.

  • 3.8.6De standaardreductiepotentiaal en wat je ermee doet

    Standaardreductiepotentiaal (= standaardredoxpotentiaal) en toepassing ervan.

  • 3.8.7Het galvanisch element: bouw, werking en spanning

    Samenstelling, werking en spanning van een galvanisch element.

  • 3.8.8De elektrolysecel: bouw en werking

    Samenstelling en werking van een elektrolysecel.

Chemie

3.9 Koolstofchemie

  • 3.9.1Molecuul- en structuurformules van organische stoffen

    Molecuulformules (brutoformules) en structuurformules (inclusief verkorte- en zaagtandnotatie) van organische stoffen.

  • 3.9.2Lineair, vertakt, cyclisch, verzadigd en de functionele groep

    De begrippen lineair, vertakt, cyclisch, verzadigd, onverzadigd, functionele groep.

  • 3.9.3De organische stofklassen: naamgeving en eigenschappen

    IUPAC-naamgeving en belangrijke eigenschappen van koolwaterstoffen (alkanen, alkenen, alkynen), halogeenalkanen, alcoholen, aminen, aldehyden, ketonen, carbonzuren + hun zouten en esters.

  • 3.9.4Isomerie: keten, plaats, functie, cis-trans en optisch

    Ketenisomerie, plaatsisomerie, functie-isomerie, cis-transisomerie en optische isomerie.

  • 3.9.5Reactietypes: substitutie, eliminatie, additie, condensatie en polymerisatie

    Reactietypes (geen mechanismen) in de koolstofchemie: substituties, eliminaties, addities, condensaties en polymerisaties + hydrolyse.

Biologie

Biologie

4.1 De cel als basiseenheid van het leven

  • 4.1.1Prokaryote en eukaryote cellen vergelijken

    Verschillen en overeenkomsten tussen prokaryote en eukaryote cellen.

Biologie

4.2 De eukaryote cel: bouw en functie van celorganellen

  • 4.2.1De dier- en plantcel onder de lichtmicroscoop

    Lichtmicroscopische bouw van dier- en plantcellen.

  • 4.2.2Bouw en functie van de celorganellen

    Elektronenmicroscopische en submicroscopische bouw van dier- en plantcellen: bouw en functie van celorganellen en celstructuren (kern, plastiden, mitochondriën, endoplasmatisch reticulum, Golgi-apparaat, lysosomen, ribosomen, celmembraan, cytoskelet, centriolen, celwand, vacuole); eenheidsmembraan; verschillen en overeenkomsten dier-/plantcellen.

  • 4.2.3Transport door het celmembraan: passief en actief

    Membraantransportsystemen: passief transport (geleide diffusie, osmose); actief transport (tegen concentratiegradiënt / pompen / endo- en exocytose).

Biologie

4.3 Stof- en energieomzettingen in eukaryote cellen

  • 4.3.1Bouw en functie van suikers, vetten, eiwitten en nucleïnezuren

    Chemische stoffen: belang van water, mineralen en ionen (Na⁺, K⁺, Ca²⁺, PO₄³⁻, Fe²⁺, Cl⁻); moleculaire bouw en functie van sachariden, lipiden, proteïnen en nucleïnezuren.

  • 4.3.2Celmetabolisme: opbouw, afbraak en energie

    Celmetabolisme: katabole en anabole processen (niet: fotosynthese), m.i.v. energieomzettingen in de cel tijdens deze processen.

  • 4.3.3Cellulaire vertering: lysosomen, autofagie en fagocytose

    Cellulaire vertering: functie van lysosomen m.i.v. autofagie en fagocytose.

  • 4.3.4Rol en werking van enzymen

    Rol en werking van enzymen.

  • 4.3.5Aerobe en anaerobe celademhaling en de rol van ATP

    Aerobe en anaerobe celademhaling, m.i.v. de productie en rol van ATP.

Biologie

4.4 Celvermeerdering

  • 4.4.1De celcyclus

    Beschrijving van de celcyclus.

  • 4.4.2Chromatine en chromosomen

    Chromatine, chromosomen.

  • 4.4.3DNA-replicatie: verloop en belang

    DNA-replicatie: verloop en belang.

  • 4.4.4Mitose: verloop en belang

    Mitose: verloop en belang.

  • 4.4.5Meiose, crossing-over en non-disjunctie

    Meiose: verloop en belang; crossing-over tussen homologe chromosomen, recombinatie (zie ook 4.5 Erfelijkheid), non-disjunctie.

  • 4.4.6Gametogenese bij de mens

    Verloop van de gametogenese bij de mens (zie ook 4.7 Menselijke voortplanting).

Biologie

4.5 Erfelijkheid

  • 4.5.1Gen, allel, genotype en fenotype

    Relaties tussen: kenmerk, gen, allel, chromosoomtypes, chromatiden, genotype, fenotype, diploïd, haploïd.

  • 4.5.2De wetten van Mendel en de afwijkende overervingspatronen

    Toepassingen van de wetten van Mendel: mono- en dihybride kruisingen met dominant/recessieve overerving; codominantie, partiële (= intermediaire) dominantie; letale allelen; multiple allelen; epistasie; gekoppelde genen, recombinatie (zie ook 4.4 Celvermeerdering); geslachtsgebonden overerving.

  • 4.5.3Stambomen analyseren

    Stamboomanalyse.

Biologie

4.6 Moleculaire genetica

  • 4.6.1DNA als codesysteem

    DNA als codesysteem.

  • 4.6.2Eiwitsynthese: transcriptie en translatie

    RNA en eiwitsynthese: transcriptie en posttranscriptionele wijzigingen (m.i.v. splicing), translatie en posttranslationele wijzigingen.

  • 4.6.3Genregulatie: genen aan- en uitzetten

    Genregulatie: rol van factoren en moleculen die de transcriptie van genen beïnvloeden door te activeren, induceren, versnellen, inhiberen (repressie), uitschakelen en blokkeren.

  • 4.6.4Types mutaties

    Types van mutaties.

  • 4.6.5Modificaties en epigenetica

    Modificaties, m.i.v. epigenetica.

  • 4.6.6Wat een mutatie doet met eiwit, kenmerk en individu

    Effecten van mutaties op proteïnen, fenotypische kenmerken en individuen.

  • 4.6.7Karyogramanalyse

    Karyogramanalyse.

  • 4.6.8Toepassingen: veredeling, PCR en verwantschapsonderzoek

    Toepassingen van de genetica: klassieke veredeling; Polymerase Chain Reaction (PCR); verwantschapsanalyse (DNA-gelelektroforese, restrictie-enzymen, DNA-fingerprinting, Y-chromosoom, mitochondriaal DNA).

Biologie

4.7 Menselijke voortplanting

  • 4.7.1Bouw en functie van de voortplantingsorganen

    Bouw en functie van de mannelijke en vrouwelijke voortplantingsorganen.

  • 4.7.2Hormonale regeling van de vruchtbaarheid

    Hormonale regeling van de vruchtbaarheid.

  • 4.7.3Oögenese en spermatogenese

    Verloop van de oögenese en spermatogenese (zie ook 4.4 Celvermeerdering).

  • 4.7.4Het verloop van de bevruchting

    Verloop van de bevruchting.

  • 4.7.5Zwangerschap, geboorte en anticonceptie

    Zwangerschap en geboorte: hormonale regeling (niet: lactatie); verloop van de embryonale ontwikkeling van zygote tot foetus; bouw en functie van navelstreng, placenta en vruchtwaterzak; anticonceptie bij man en vrouw: methoden en betrouwbaarheid.

Biologie

4.8 Aangeboren en verworven immuniteit

  • 4.8.1Witte bloedcellen: lymfocyten en macrofagen

    Witte bloedcellen (leukocyten): lymfocyten en macrofagen.

  • 4.8.2Antigenen en antilichamen

    Antigenen en antilichamen.

  • 4.8.3Bloedgroepen: het ABO- en resussysteem

    Bloedgroepen: ABO- en Rhesussystemen.

  • 4.8.4Actieve en passieve immunisatie

    Actieve en passieve immunisatie.

Biologie

4.9 Prikkels ontvangen en verwerken

  • 4.9.1Regeling van de bloedsuikerspiegel: insuline en glucagon

    Hormonale regulatie van de bloedsuikerspiegel door insuline en glucagon, m.i.v. de rol van adrenaline.

  • 4.9.2De reflexboog: van prikkel tot reactie

    Werking reflexboog, m.i.v. receptor, neurontypes, zenuwimpuls, synaps, effector.

  • 4.9.3Skelet en spieren: bouw en samenwerking bij beweging

    Skelet- en bewegingsstelsel van de mens: skeletspier, hartspier, gladde spier (verschillen en situering); werking van de dwarsgestreepte spier (contractie ↔ energieomzetting); interactie tussen skelet en spieren voor beweging (niet: soorten van beenderen en gewrichten).

Biologie

4.10 Evolutie

  • 4.10.1De wetenschappelijke argumenten voor evolutie

    Wetenschappelijke argumenten die de evolutietheorie onderbouwen.

  • 4.10.2Darwin, Lamarck en de moderne evolutietheorie

    Theorieën van Darwin en Lamarck, m.i.v. de moderne evolutietheorie.

  • 4.10.3Natuurlijke en kunstmatige selectie, en genetische drift

    Natuurlijke en kunstmatige selectie, genetische drift.

  • 4.10.4Populatie en biologische soort

    Populaties en biologische soort.

  • 4.10.5Soortvorming en de rol van isolatie

    Ontstaan van soorten en de rol van isolatie.

Veelgestelde vragen

Welke leerstof moet ik kennen voor het toelatingsexamen geneeskunde?
Het KIW-gedeelte van het toelatingsexamen arts, tandarts en dierenarts toetst 226 leerdoelen over vier vakken: wiskunde (25), fysica (94), chemie (64) en biologie (43). Ze staan samen in 33 onderwerpen en komen uit de leerinhouden van de tweede en derde graad doorstroomfinaliteit. De Examencommissie publiceert die lijst als het Leerstofoverzicht KIW.
Is dit de officiële leerstoflijst?
De formuleringen op deze pagina zijn onbewerkt overgenomen uit het officiële Leerstofoverzicht KIW van de Examencommissie voor de toelatingsexamens (AHOVOKS, Vlaamse Overheid). Deze pagina is een leesbare, doorzoekbare weergave ervan — geen vervanging. De officiële publicatie op vlaanderen.be blijft leidend; wijkt er iets af, dan geldt die.
Hoeveel vragen krijg ik per vak?
Elk van de vier KIW-vakken telt tien meerkeuzevragen, ongeacht hoeveel leerdoelen eronder hangen. Dat is de reden waarom het aantal leerdoelen per vak zo uiteenloopt zonder dat het gewicht op het examen meebeweegt: fysica draagt 94 leerdoelen en biologie 43, maar allebei leveren ze tien vragen op.
Waarom staat er bij elk leerdoel een code?
De code (bijvoorbeeld 1.1.3) komt uit het officiële overzicht zelf: het eerste cijfer is het vak, het tweede het onderwerp, het derde het leerdoel. Elke code op deze pagina heeft een eigen anker, zodat je rechtstreeks naar één leerdoel kunt linken — handig om in een les of een planning naar een precies stuk leerstof te verwijzen.
Verandert het leerstofoverzicht van jaar tot jaar?
Ja, af en toe. De Examencommissie heeft de lijst de voorbije jaren meermaals bijgestuurd — in 2025 werd er zowel leerstof geschrapt als toegevoegd. Voor 2027 kondigde de overheid in september 2026 een nieuw leerstofoverzicht aan, te verschijnen dit najaar: kleine wijzigingen zijn mogelijk, maar het blijft afgestemd op wiskunde, fysica, chemie en biologie uit de tweede en derde graad doorstroomfinaliteit. Tot dat overzicht verschijnt, volgt deze pagina het overzicht dat vandaag geldt.

Weten waar je zelf staat in deze leerstof? De gratis hiatentest legt je antwoorden naast deze leerdoelen. En de bredere uitleg over het examen — verloop, punten, cesuur — staat in onze gids over het toelatingsexamen.